Ga naar de hoofdinhoud
Financieringspijlers

Financieringspijlers

Naast de overheidsfinanciering haalt VRT nog inkomsten uit andere bronnen, zowel uit commerciële als niet-commerciële activiteiten.

VRT onderscheidt 6 financieringspijlers, waarvan de indeling gebaseerd is op het commercieel kader dat goedgekeurd werd in oktober 2023. Dit is het kader waarbinnen VRT commerciële activiteiten kan uitoefenen.

Pijler 1: Subsidies

  • De basistoelage van de Vlaamse overheid voor de inhoudelijke publieke opdracht;

  • de overige subsidies (deze zijn steeds gebaseerd op een individueel subsidiebesluit van een overheidsinstantie).

De Vlaamse burgers dragen in 2025 via hun belastingen gemiddeld 44,58 euro per jaar (of 12,2 eurocent per dag) bij aan de werking van de publieke omroep. Daarvoor krijgen zij drie televisiekanalen (VRT 1, VRT Canvas en Ketnet) vijf radionetten (Radio 1, Radio 2, Klara, MNM en Studio Brussel), het streamingplatform VRT MAX, verschillende websites en extra digitaal aanbod.

Pijler 2: Valorisatie van VRT-content/diensten en daarvan afgeleide exploitaties

Pijler 2.a. Inkomsten uit de exploitatie van het openbaar aanbod: distributie-inkomsten

Distributie-inkomsten

  • De vergoedingen die VRT ontvangt van de kabeldistributeurs voor het lineair uitzenden van VRT-programma’s. Het gaat hier niet alleen om Belgische distributeurs zoals Proximus en Telenet, maar ook om distributeurs in Nederland en Duitsland.

  • De vergoedingen van Telenet en Proximus voor het aanbod op aanvraag en voor de interactieve applicaties die met het aanbod worden meegestuurd.

Distributie-inkomsten

  • De inkomsten die VRT ontvangt uit de verkoop van programma’s en formats;

  • De inkomsten uit vertaling, dubbing en ondertiteling;

  • De inkomsten uit sms- en betaallijnen en uit apps.

Pijler 2.b. Inkomsten uit de exploitatie van afgeleiden

  • Afgeleide producten zijn afgeleid van VRT-netten en hun programma’s, maar maken er geen fundamenteel onderdeel van uit. Met de afgeleide producten wordt in eerste instantie een commercieel doel nagestreefd, naast het ondersteunen van VRT-merken.

  • De hoofdactiviteiten zijn de verkoop van merchandisingproducten (boeken, dvd's, cd’s, etc.) en de organisatie van evenementen. Deze activiteiten worden gegroepeerd onder de noemer creative partnerships

  • Deze commerciële activiteiten zijn niet te verwarren met de louter promotionele activiteiten die VRT ontwikkelt in overeenstemming met haar openbare opdracht. Deze promotionele activiteiten kunnen bestaan uit dezelfde soort activiteit (zoals bijvoorbeeld organiseren van evenementen en optredens), maar onderscheiden zich van de commerciële activiteiten door het louter promotionele karakter. 

Pijler 3: Inkomsten uit boodschappen van algemeen nut en commerciële communicatie

Pijler 3.a. Inkomsten uit boodschappen van algemeen nut en commerciële communicatie

  • Overheidsinstellingen, sociale en humanitaire verenigingen, en verenigingen uit het domein van het algemeen welzijn kunnen - tegen vergoeding - via de lineaire radio- en televisiekanalen korte, informatieve boodschappen brengen. Deze inkomsten worden verworven via VAR. 

  • Onder commerciële communicatie wordt verstaan: elke vorm van het ter beschikking stellen van commerciële ruimte via VRT-media aan adverteerders die hiermee hun goederen of diensten, dan wel hun imago wensen te promoten, en dit tegen betaling. Vormen van commerciële communicatie zijn radioreclame, radiosponsoring, televisiesponsoring, sponsoring niet-uitgezonden evenementen, internetreclame en financiële productplaatsing (het tegen betaling in beeld brengen van een product, merk of dienst in een televisieprogramma). 

  • De opbrengsten uit commerciële communicatie en BAN worden – op uitzondering van de financiële productplaatsing na – door VAR verworven. 

  • De opbrengsten uit commerciële communicatie en BAN zijn enerzijds jaarlijks begrensd, maar anderzijds worden ze door de overheid gecompenseerd als ze onder een minimumgrens vallen. 

Beperkingen van commerciële inkomsten

Bepalingen BHO 2026-2030

De inkomsten uit commerciële communicatie en BAN worden begrensd op 91,7 miljoen euro (hierna ‘het brutoplafond’). Het brutoplafond verminderd met 1 miljoen euro (de maximale mogelijke doorstorting naar het Mediafonds) wordt hierna ‘het nettoplafond’ genoemd. Het ‘geïndexeerd nettoplafond’ is het geïndexeerd brutoplafond, verminderd met 1 miljoen euro.

Naast het brutoplafond worden ook 2 subplafonds bepaald: 

  • Subplafond 1: Binnen de begrenzing voor inkomsten uit commerciële communicatie en BAN wordt er een tweede bovengrens vastgelegd op 22 miljoen euro voor televisiesponsoring en televisievisibiliteit gegeven in het kader van sponsoring van evenementen die niet in het aanbod van VRT zijn opgenomen. 

  • Subplafond 2: Binnen de begrenzing voor inkomsten uit commerciële communicatie en BAN wordt er een bovengrens vastgelegd op 13 miljoen euro voor display en digitale video, nl. prerolls en postrolls rond niet-lineaire videocontent en prerolls bij start lineaire online videostream. 

Wanneer de subplafonds niet gehaald worden, kan het resterende saldo ingevuld worden door inkomsten uit vormen van commerciële communicatie die onder het brutoplafond vallen. Dit betekent dus dat het brutoplafond gerealiseerd kan worden zonder dat de 2 subplafonds behaald of overschreden worden.

De waarde van de ruilovereenkomsten die betrekking hebben op commerciële communicatie en BAN wordt niet mee gerekend bij de inkomsten uit commerciële communicatie en BAN die verrekend worden binnen het brutoplafond en de subplafonds.

Enkel de geplafonneerde bedragen van de subplafonds kunnen in rekening worden gebracht bij de berekening van het brutoplafond.

Vanaf 1 januari 2026 worden het brutoplafond en de subplafonds op commerciële communicatie en BAN geïndexeerd op basis van de marktindex. De toepassing van de marktindex verzekert dat het relatieve aandeel van VRT in de Vlaamse advertentiemarkt stabiel blijft.

Excedenten

VRT engageert zich om excedenten te beperken.

  • Ingeval de totale inkomsten uit commerciële communicatie groter zijn dan het geïndexeerd nettoplafond, maar de overschrijding kleiner of gelijk is aan 1 miljoen, wordt het verschil van deze overschrijding het jaar daarop doorgestort m.o.o. aanwending ervan ten behoeve van het Mediafonds.

  • Ingeval voormelde overschrijding meer dan 1 miljoen bedraagt, dan wordt het saldo dat niet wordt doorgestort met het oog op aanwending ervan door het Mediafonds, op een wachtrekening geplaatst. De Vlaamse Regering beslist over de toewijzing van de middelen op deze wachtrekening.

  • Ingeval het subplafond wordt overschreden zonder dat het geïndexeerd nettoplafond wordt overschreden, dan wordt het bedrag van de overschrijding van het subplafond doorgestort aan respectievelijk het Mediafonds of de wachtrekening conform de principes vermeld in de eerste twee paragrafen.

  • Ingeval zowel het subplafond als het geïndexeerd nettoplafond wordt overschreden en er sprake is van een overschrijding van het geïndexeerd nettoplafond met eenzelfde of lager bedrag dan de overschrijding van het subplafond, dan wordt het bedrag van de overschrijding van het subplafond doorgestort aan respectievelijk het Mediafonds of de wachtrekening conform de principes vermeld in eerste twee paragrafen.

  • Ingeval zowel het subplafond als het geïndexeerd nettoplafond wordt overschreden en er sprake is van een overschrijding van het geïndexeerd nettoplafond met een bedrag dat hoger is dan de overschrijding van het subplafond, dan wordt het bedrag van de overschrijding van het geïndexeerd nettoplafond doorgestort aan respectievelijk het Mediafonds of de wachtrekening en dit conform de principes vermeld in de eerste twee paragrafen.

Compensatieprocedure

Ter uitvoering van haar publieke opdracht, houdt VRT op jaarbasis rekening met een financiering via eigen middelen uit commerciële communicatie en BAN van minimaal 90% van het nettoplafond. Wanneer VRT aangeeft aan de Vlaamse Gemeenschap dat de zelf verworven middelen uit commerciële communicatie en BAN (exclusief ruil) onder dit niveau zijn gedaald, wordt een compensatieprocedure in werking gesteld. De VRT levert hiertoe een afrekening na deze periode van 12 maanden, waarna het verschil tussen de minimumgrens en het netto gegenereerde bedrag wordt bijbetaald aan VRT via de toelage.

Pijler 3.b. Inkomsten uit valorisatie buiten België 

 VRT kan mediaruimte vermarkten rond haar aanbod dat ze aanbiedt in territoria buiten België. 

Pijler 4. Dienstverlening aan derden 

Inkomsten uit andere commerciële exploitaties 

  • Inkomsten uit dienstverlening zoals het verzorgen van transmissiediensten (ter beschikking stellen van communicatielijnen), en het verhuren van productiemiddelen; 

  • Inkomsten uit huurgelden en concessies. 

Pijler 5. Andere inkomsten 

  • De opbrengsten van samenwerking rond programma’s (zowel de institutionele als niet-institutionele financiering). Specifiek rond samenwerking met steden en gemeenten werd een overeenkomst afgesloten met de VVSG.  

  • Opbrengsten uit geleide bezoeken; 

  • Gerecupereerde kosten (bv. tussenkomsten van verzekeringen); 

  • Deelname door het personeel in de kosten van het bedrijfsrestaurant; 

  • Financiële opbrengsten, meerwaarden, schadevergoedingen, etc.

Pijler 6. Ruilen 

  • De “facilitaire toelevering” of productieruil: VRT levert prestaties aan externe productiehuizen in het kader van productieovereenkomsten. De waarde van de onderaanneming wordt mee opgenomen in de waarde van de uitzendrechten. 

  • De contracten “mediaruimte” zijn overeenkomsten van VRT met andere mediagroepen met het oog op wederzijdse vermeldingen in elkaars media zoals kranten en tijdschriften. 

  • De “gemengde ruilen”: spotjes of promotionele aankondigingen worden geruild voor o.a. promotionele aanwezigheid van VRT op evenementen, levering van data, levering van hand- en spandiensten voor een VRT productie, uitzendrechten, etc. Hieronder valt ook de productplaasting in natura, nl. het in beeld brengen van een merk, een product of een dienst waarbij de adverteerder in ruil het product of de dienst aanbiedt.

Samenwerkingscharter Citymarketing